H2076 זָבַח
brengen (een) offer(s) -, opofferen, offeren, brengen (een), offerande doen, slachten
Taal: Hebreeuws

Statistieken

Komt 134x voor in 24 Bijbelboeken.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

ww, primitieve stam; TWOT - 525


1) slachten, doden, offeren, slachten om te offeren
1a) (Qal)
1a1) slachten om te offeren
1a2) slachten voor maaltijd
1a3) slachten (bij Gods oordeel)
1b) (Piel) offeren, een offer brengen


Voorkomend in de LXX als: εκζετεωG1567 "zoeken, opzoeken, onderzoeken, vragen, terugeisen, opeisen"; θυσιαG2378 "offer, offerfeest, offerdier"; προσφερωG4374 "brengen naar, voorgeleiden"; σφαζωG4969 "slachten, afslachten, dodelijk gewond"; θυμιαωG2370 "wierook branden"; θυωG2380 "offeren, slachten, afslachten, doden";


Brown-Driver-Briggs Abridged Hebrew Lexicon

זָבַח 134 vb. slaughter for sacrifice Qal I slaughter for sacrifice II slaughter for eating III slaughter for divine judgment Pi. 22 sacrifice

Strong Concise Dictionary Of The Words In The Hebrew Bible

H2076 זָבַח zâbach; a primitive root; to slaughter an animal (usually in sacrifice) — kill, offer, (do) sacrifice, slay.

Synoniemen en afgeleide woorden

Aramees דְּבַח H1684 "offeren, slachtoffers brengen"; Hebreeuws מִזְבֵּחַ H4196 "altaar";

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij